Hm, hoewel de naam daar waarschijnlijk wel aan ontleend is was dat niet helemaal wat ik bedoelde. Voor mijn tulband heb je nodig:
250 gram bloem, 20 gram gist, 1 dl melk, 50 gram basterdsuiker, 50 gram boter, 2 eieren en de schil van 1 citroen. Voor de vulling 100 gram sukade, 100 gram rozijnen en 100 gram krenten en een glas strohrum (of als je iets tegen alcohol hebt, die tijdens het bakken echt wel verdwijnt trouwens, wat rumessence). En voor het opmaken poedersuiker en bigarreaux (geconfijte kersen)
Was eerst de krenten en rozijnen, stort ze op een schone theedoek, sla de theedoek eroverheen en wrijf de krenten en rozijnen weer enigszins droog. Gooi ze daarna in een schaaltje en voeg de rum toe en laat ze hierin trekken (gebruikt je essence dan de krenten en rozijnen gewoon laten staan om te drogen).
Maak ondertussen van bloem, gist, melk, suiker, gesmolten boter, eieren en de citroenrasp een gistbeslag. Zet dit in de (met een licht vochtige theedoek afgedekte) beslagkom op een (niet te) warme tochtvrije plaats en laat het gedurende een uur rijzen. Hierna aan het beslag de sukade en de in rum geweekte krenten en rozijnen toevoegen (niet de rum, dan komt er teveel vocht in het beslag en zal het waarschijnlijk niet meer rijzen, gebruik als je toch iets meer rumsmaak wilt eventueel wat rumessence)(gebruik je essence dan ook deze -afhankelijk van het merk, meestal is twee theelepels voldoende- nu toevoegen). Meng alles goed door en stort het in de tulbandvorm (geen tulbandvorm? geen probleem, in een gewone cakevorm gaat het net zo goed, alleen krijg je ipv een tulband een model krentenbrood)
Laat het daarna nog enige tijd rijzen en plaats de vorm daarna in een goed warme (gas 200 graden, hetelucht 180 graden) oven en laat de tulband gedurende ongeveer een uur bakken. Controleer met een breinaald even of hij echt gaar is. Is dit het geval (de breinaald komt droog weer uit de tulband) dan de vorm uit de oven nemen, met een paar stoten tegen de omtrek ervoor zorgen dat de tulband rondom los is en deze uit de vorm op een taartrooster storten.
Laat de tulband afkoelen. Maak van 50 gram poedersuiker en een paar druppels water (of, wat ik vaak doe, een paar druppels vruchtensap, b.v. citroensap) een glazuur en bestrijk hiermee de bovenkant en leg hierop enkele gehalveerde bigarreaux. Bestrooi tenslotte (vlak voor het opdienen) de zijkanten en de binnenkant nog met poedersuiker.
N.B.: de glazuur dient dus eigenlijk alleen om de bigarreaux op hun plaats te houden.


Geen opmerkingen:
Een reactie posten