Hij stelde zich te vaak te flexibel op hadden ze gezegd. Omdat hij weer eens iemand een snipperdag had gegund die niet drie weken van te voren was aangevraagd. En omdat hij Alice al het kopieerwerk liet doen en Jeannette daarvan had vrijgesteld.
Kijk, dat ze op de fabrieksvloer met roosters werkten en dat die regels over verlof vragen daar nodig waren snapte hij. Iedere veertien dagen werd op woensdag het rooster uitgedeeld voor de twee daar op volgende weken, die roosters werden op maandag en dinsdag opgesteld, dus dat ze uiterlijk de vrijdag daarvoor de verlofaanvragen moesten hebben was duidelijk. Maar hier op de administratie?
Hij wilde niet het autoritaire soort chef zijn dat de regels handhaafde puur om de regels. Zeker niet als die regels in de gegeven situatie te star waren. Zoals met dat kopiëren. Zeker, het stond in de werkomschrijving: ieder was verantwoordelijk voor het maken van de benodigde kopieën van zijn werk voor het archief. Maar Jeanette ging over 5 weken met zwangerschapsverlof. Die kon hij toch niet iedere dag een uur bij de kopieermachine laten staan? Bovendien: als Alice de kopieën gemaakt had leverde ze die weer in bij Jeannette en die hield nog altijd de eindverantwoordelijkheid dat haar werk volledig en correct gearchiveerd werd.
Hij was altijd flexibel geweest. Een afspraak verzetten? Geen probleem. De balans een dag eerder op het bureau van de directeur? Kijk, dán vonden ze het niet erg dat hij flexibel was. Ook in zijn privéleven kon je veel bij hem bereiken, gewoon door te vragen. Hij bekeek wel wat de mogelijkheden waren en als het even kon werkte hij wel mee. Dat sommigen hem daarom als een watje zagen, vonden dat hij over zich liet lopen deed hem niet zo veel.
Maar nu waren ze te ver gegaan. Als zijn stijl van leidinggeven hen niet aanstond zouden ze merken hoe onbuigzaam hij ook kon zijn. Hij ging zich echt niet aanpassen aan wat zij “een gepaste manier van leidinggeven” vonden. Hij ging gewoon door zoals hij dat altijd gedaan had. Het kwam de sfeer op de afdeling alleen maar ten goede en het werk kwam altijd op tijd klaar.
En als dat ze niet beviel was hij flexibel genoeg om iets anders te gaan doen. Hoefde niet eens op administratief gebied te zijn, er waren meer manieren om je brood te verdienen.
Misschien werd hij wel flexwerker.
WoT (Write on Thursday) is een wekelijkse schrijfopdracht. De opdracht en linkjes naar andere deelnemers vind je bij Met-K .
Posts tonen met het label Verhalen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Verhalen. Alle posts tonen
donderdag, juni 14, 2012
Dinszin 017 / WoW: Bal
Met een slakkengang reed ze weg. Het kwam allemaal door dat personeelsfeest vanavond. In naam een gezellige bijeenkomst om de saamhorigheid tussen het personeel te versterken. Maar iedereen wist waar het werkelijk om ging.
Je moest je van je beste kant laten zien. Met de juiste mensen spreken, bij de juiste mensen aan tafel zitten. Vooral niet de hele avond optrekken met collega’s, nee de chefs, de directeur, de man van personeelszaken, dat waren de mensen waar je je op moest richten.
De jurk die ze bij het trouwen van haar zus had gedragen had nog niemand van het werk ooit gezien, dat spaarde in ieder geval een flink bedrag uit. Hij had wel even een behandeling bij de stomerij nodig gehad. Ze had hem een half uur geleden opgehaald.
Geen vlekje meer te zien, geen kreukje te bekennen. Nu moest ze hem alleen nog goed thuis zien te krijgen. Waarom stopten ze je kleren toch altijd in van die plastic zakken, iedere keer dat ze remde, optrok of een hoek om ging dreigde de jurk van de passagiersstoel te glijden.
Ze had er constant een oogje opgehouden en hem iedere keer net op tijd tegen kunnen houden. Tot ze vlak bij huis was. Ineens had ze een beweging gezien, was boven op de rem gaan staan en had het stuur naar rechts gerukt om het kind te ontwijken. De geparkeerde auto had niet meegegeven.
Waarom lieten mensen toch steeds weer kinderen op de openbare weg spelen met hun bal?
Ik heb, omdat ik weer eens tamelijk laat ben met mijn bijdrage, de Dinszin én de WoW van deze week in één verhaal verwerkt. De opdrachten en linkjes naar andere deelnemers vind je weer bij Aline
Je moest je van je beste kant laten zien. Met de juiste mensen spreken, bij de juiste mensen aan tafel zitten. Vooral niet de hele avond optrekken met collega’s, nee de chefs, de directeur, de man van personeelszaken, dat waren de mensen waar je je op moest richten.
De jurk die ze bij het trouwen van haar zus had gedragen had nog niemand van het werk ooit gezien, dat spaarde in ieder geval een flink bedrag uit. Hij had wel even een behandeling bij de stomerij nodig gehad. Ze had hem een half uur geleden opgehaald.
Geen vlekje meer te zien, geen kreukje te bekennen. Nu moest ze hem alleen nog goed thuis zien te krijgen. Waarom stopten ze je kleren toch altijd in van die plastic zakken, iedere keer dat ze remde, optrok of een hoek om ging dreigde de jurk van de passagiersstoel te glijden.
Ze had er constant een oogje opgehouden en hem iedere keer net op tijd tegen kunnen houden. Tot ze vlak bij huis was. Ineens had ze een beweging gezien, was boven op de rem gaan staan en had het stuur naar rechts gerukt om het kind te ontwijken. De geparkeerde auto had niet meegegeven.
Waarom lieten mensen toch steeds weer kinderen op de openbare weg spelen met hun bal?
Ik heb, omdat ik weer eens tamelijk laat ben met mijn bijdrage, de Dinszin én de WoW van deze week in één verhaal verwerkt. De opdrachten en linkjes naar andere deelnemers vind je weer bij Aline
maandag, juni 11, 2012
WoW - Aarde / Hoop doet leven.
Hij vroeg zich af of hij dit eigenlijk wel moest doen. Het zou een zware ingreep worden, zonder garantie op succes. De kans dat het lukte haar te redden was feitelijk miniem. Ze was al veel te veel verzwakt.
Aan zijn zorgen had het niet gelegen. Vanaf het begin had hij haar het beste gegeven dat hij te bieden had. Ze was helemaal opgebloeid. Op tijd het juiste voedsel en genoeg drinken had een hoop gescheeld. Het plekje voor het raam leek haar ook goed te doen. Ze leek het te gaan redden.
Maar ineens was het mis gegaan. Het eerste teken was die verkleuring geweest. Daarna was ze steeds verder ingezakt, had de kop laten hangen. Misschien was het beter haar nu te laten gaan, niet langer aan te modderen. Maar zoiets deed je niet. Je ging door tot het einde. Probeerde nog dit, probeerde nog dat, zolang er leven was bleef er hoop.
Het leven was het waard om voor te vechten, hoe nietig dat leven ook was. Hoe onzinnig het voor sommigen ook leek het nog verder te rekken. Wat anderen er van vonden interesseerde hem eigenlijk weinig, hij zou nooit opgeven zonder eerst alles wat in zijn vermogen lag te proberen.
Hij moest maar eens beginnen. Aarzelen zou haar niet beter maken, hier was doortastend optreden nodig. Hij legde alles klaar en trok de handschoenen aan. Hij rechte de rug en liep naar de tafel.
Pakte een nieuwe bloempot en de zak met aarde en begon.
Ook de WoW is die van vorige week. WoW (Write on Wednesday) is eveneens een initiatief van Aline, hierbij is het de bedoeling om naar aanleiding van een gegeven woord een verhaal van (bijvoorkeur exakt) 250 woorden te schrijven.
Aan zijn zorgen had het niet gelegen. Vanaf het begin had hij haar het beste gegeven dat hij te bieden had. Ze was helemaal opgebloeid. Op tijd het juiste voedsel en genoeg drinken had een hoop gescheeld. Het plekje voor het raam leek haar ook goed te doen. Ze leek het te gaan redden.
Maar ineens was het mis gegaan. Het eerste teken was die verkleuring geweest. Daarna was ze steeds verder ingezakt, had de kop laten hangen. Misschien was het beter haar nu te laten gaan, niet langer aan te modderen. Maar zoiets deed je niet. Je ging door tot het einde. Probeerde nog dit, probeerde nog dat, zolang er leven was bleef er hoop.
Het leven was het waard om voor te vechten, hoe nietig dat leven ook was. Hoe onzinnig het voor sommigen ook leek het nog verder te rekken. Wat anderen er van vonden interesseerde hem eigenlijk weinig, hij zou nooit opgeven zonder eerst alles wat in zijn vermogen lag te proberen.
Hij moest maar eens beginnen. Aarzelen zou haar niet beter maken, hier was doortastend optreden nodig. Hij legde alles klaar en trok de handschoenen aan. Hij rechte de rug en liep naar de tafel.
Pakte een nieuwe bloempot en de zak met aarde en begon.
Ook de WoW is die van vorige week. WoW (Write on Wednesday) is eveneens een initiatief van Aline, hierbij is het de bedoeling om naar aanleiding van een gegeven woord een verhaal van (bijvoorkeur exakt) 250 woorden te schrijven.
Dinszin 016 - Luisteren.
“Heb je zin om met mij mee te gaan?” Wat een vraag, natuurlijk had hij zin om mee te gaan.
Hij was vanavond van huis gegaan zonder speciale plannen. Gewoon even uit dat huis zijn dat hem af en toe benauwde. Waar de muren geregeld op hem af kwamen. Hoe lang woonde hij daar nu al alleen? Twintig jaar? Nee, eerder vijfentwintig. En nog steeds was hij niet gewend aan het alleen zijn.
De televisie had nauwelijks iets te bieden. Veertig zenders, maar nergens iets dat hem echt interesseerde. De meeste tijd stond het ding niet eens aan en als hij wel aanstond keek hij de helft van de tijd niet, ging het vooral om het geluid op de achtergrond dat de stilte, de eenzaamheid, wat naar de achtergrond drong.
Dus ging hij er geregeld een avond op uit. Een restaurantje pakken. Even naar een bar om wat aanspraak te hebben. Al was het maar door het praten over koetjes en kalfjes met de barman. Je werd er niet gelukkiger van. Niet wijzer ook, het ging niet over diepzinnige zaken. Het weer, het voetbal, de berichten uit het plaatselijke huis-aan-huis-blad. Op de vraag hoe het met jou ging, of hoe het thuis ging, werd je verondersteld te antwoorden met "goed". Als je iets anders zei volgde er een “dat is niet zo mooi” en werd vervolgens zo snel mogelijk op een ander onderwerp overgestapt.Of je ontdekte ineens dat je weer helemaal alleen op het hoekje van de bar zat.
Maar vanavond was anders geweest. Hij was de enige klant geweest. Tot zij binnen kwam. De hele sfeer leek ineens te veranderen. De lucht was anders. Het licht was anders. Alles was anders. In plaats van bij het zien van de leegte om te keren en haar heil ergens anders te zoeken had ze hem glimlachend aan gekeken. Gevraagd of de kruk naast hem vrij was. En was naast hem komen zitten terwijl ze haar hand uitstak en zei “Diana”. Niet wetend hoe hij het had was er alleen een gestameld “Gerard” uitgekomen.
Niet echt de openingszin die hij zich altijd voorstelde. Nou ja, hij had nog nooit de kans gekregen die te gebruiken en nu die kans zich voordeed was hij eigenlijk wel blij dat hij hem niet uitgesproken had. Het leek hem ineens een hele lamme zin. Hij had gevraagd wat ze wilde drinken en van het een was het ander gekomen.
Ze hadden gepraat. Eerst het gebruikelijke barpraat over koetjes, kalfjes, weer en het lokale nieuws (voetbal had hem geen geschikt gespreksonderwerp geleken). Gaandeweg waren de onderwerpen echter meer persoonlijk geworden. Had hij het gevoel gekregen dat ze elkaar echt leerden kennen.
Hij had het fascinerend gevonden. Na zoveel jaren weer eens echt contact met iemand. Een vrouw nog wel. En nu had ze gevraagd of hij met haar mee ging.
Terwijl ze naar haar auto liepen vroeg hij zich nog één ding af: wat was er vanavond te doen in de schouwburg? Hij had namelijk geen flauw idee waar hij eigenlijk mee naar toe ging:
Dinszin is een schrijfuitdaging waarbij het de bedoeling is op basis van een gegeven beginzin een verhaal te schrijven. Mijn bovenstaande verhaal is eigenlijk de opdracht van vorige week: door drukte en problemen met de provider was het schema even in de war geraakt. Dinszin is een initiatief van Aline, bij haar vind je ook de opdracht en linkjes naar andere deelnemers.
Hij was vanavond van huis gegaan zonder speciale plannen. Gewoon even uit dat huis zijn dat hem af en toe benauwde. Waar de muren geregeld op hem af kwamen. Hoe lang woonde hij daar nu al alleen? Twintig jaar? Nee, eerder vijfentwintig. En nog steeds was hij niet gewend aan het alleen zijn.
De televisie had nauwelijks iets te bieden. Veertig zenders, maar nergens iets dat hem echt interesseerde. De meeste tijd stond het ding niet eens aan en als hij wel aanstond keek hij de helft van de tijd niet, ging het vooral om het geluid op de achtergrond dat de stilte, de eenzaamheid, wat naar de achtergrond drong.
Dus ging hij er geregeld een avond op uit. Een restaurantje pakken. Even naar een bar om wat aanspraak te hebben. Al was het maar door het praten over koetjes en kalfjes met de barman. Je werd er niet gelukkiger van. Niet wijzer ook, het ging niet over diepzinnige zaken. Het weer, het voetbal, de berichten uit het plaatselijke huis-aan-huis-blad. Op de vraag hoe het met jou ging, of hoe het thuis ging, werd je verondersteld te antwoorden met "goed". Als je iets anders zei volgde er een “dat is niet zo mooi” en werd vervolgens zo snel mogelijk op een ander onderwerp overgestapt.Of je ontdekte ineens dat je weer helemaal alleen op het hoekje van de bar zat.
Maar vanavond was anders geweest. Hij was de enige klant geweest. Tot zij binnen kwam. De hele sfeer leek ineens te veranderen. De lucht was anders. Het licht was anders. Alles was anders. In plaats van bij het zien van de leegte om te keren en haar heil ergens anders te zoeken had ze hem glimlachend aan gekeken. Gevraagd of de kruk naast hem vrij was. En was naast hem komen zitten terwijl ze haar hand uitstak en zei “Diana”. Niet wetend hoe hij het had was er alleen een gestameld “Gerard” uitgekomen.
Niet echt de openingszin die hij zich altijd voorstelde. Nou ja, hij had nog nooit de kans gekregen die te gebruiken en nu die kans zich voordeed was hij eigenlijk wel blij dat hij hem niet uitgesproken had. Het leek hem ineens een hele lamme zin. Hij had gevraagd wat ze wilde drinken en van het een was het ander gekomen.
Ze hadden gepraat. Eerst het gebruikelijke barpraat over koetjes, kalfjes, weer en het lokale nieuws (voetbal had hem geen geschikt gespreksonderwerp geleken). Gaandeweg waren de onderwerpen echter meer persoonlijk geworden. Had hij het gevoel gekregen dat ze elkaar echt leerden kennen.
Hij had het fascinerend gevonden. Na zoveel jaren weer eens echt contact met iemand. Een vrouw nog wel. En nu had ze gevraagd of hij met haar mee ging.
Terwijl ze naar haar auto liepen vroeg hij zich nog één ding af: wat was er vanavond te doen in de schouwburg? Hij had namelijk geen flauw idee waar hij eigenlijk mee naar toe ging:
Dinszin is een schrijfuitdaging waarbij het de bedoeling is op basis van een gegeven beginzin een verhaal te schrijven. Mijn bovenstaande verhaal is eigenlijk de opdracht van vorige week: door drukte en problemen met de provider was het schema even in de war geraakt. Dinszin is een initiatief van Aline, bij haar vind je ook de opdracht en linkjes naar andere deelnemers.
zaterdag, juni 09, 2012
Dinszin 29.05.2012: Bloed, zweet en tranen.
Met bloed, zweet en tranen nam ik de hindernis. En viel plat
op mijn gezicht in de modder. Voor de vierde keer.
Hoe hadden ze me ooit zo gek gekregen hier aan mee te doen?” Voor jou moet dat een makkie zijn” hadden ze gezegd. ”Jij loopt altijd van die lange afstanden. Vijf kilometer, tien kilometer. Vorig jaar zelfs die marathon. “ Ik had nee geschud, dit was heel iets anders dan gewoon hardlopen.
Ze waren aan blijven dringen. Het viel ze tegen. Hij pochte toch altijd zo over zijn conditie? En dit was nog voor een goed doel ook. Het was op mijn eergevoel gaan werken. Na nog wat tegenstribbelen had ik toch toegegeven en het aanmeldingsformulier ingevuld.
Dus hier lag ik nu. Plat op mijn snuit. In de modder. Overal spierpijn. Ik krabbelde weer overeind en zette aan voor het laatste stuk van mijn vierde ronde. Mijn God, ik heb ingeschreven voor vijf rondes, toen ik eenmaal besloten had het toch te doen had mijn neiging om altijd de beste te willen zijn weer de overhand gekregen.
Ik struikelde en voelde een pijnlijke scheut in mijn zij. Even iets langzamer dan maar. Ik kreeg de finish in beeld. Een wazig beeld. Het zweet begon weer in mijn ogen te lopen. Of was het toch de regen? De polsband die ik gebruikte om het zweet weg te vegen maakte geen verschil: die was al lang doorweekt.
De pijn in mijn zij zakte weer weg en met een geforceerde glimlach passeerde ik de finish om aan mijn vijfde rondje te beginnen. Ik wist dat de blaar op mijn hak open was gesprongen, dat ik als het eindelijk voorbij was het bloed waarschijnlijk in mijn schoenen zou hebben staan. Opgeven lag echter niet in mijn aard.
Tranen sprongen in mijn ogen toen ik weer struikelde en onzacht met een boom in aanraking kwam. Nog vier kilometer, dan was het voorbij. Als in trance rende ik verder. Was het eigenlijk nog wel rennen? Ik had geen besef meer van tijd en afstand, alles leek op de automatische piloot te gaan. Ik haalde wat andere lopers in. Had ik dan toch mijn voor de laatste ronde geplande versnelling ingezet? Of was het alleen mijn verbeelding die mij het gevoel gaf dat mijn passen langer, mijn tempo hoger waren?
Daar was die verd…. hindernis weer. Nu niet weer…. Bijna had ik hardop gevloekt, kennelijk was tijdens zo’n veldloop vijf keer scheepsrecht. Wéér krabbelde ik overeind. Wéér zette ik aan voor het laatste stuk. Wéér wist ik ergens uit een hele grote diepte een glimlach te voorschijn te halen toen ik over de finish kwam.
Ik had het gehaald. Iemand in een rode kruis jas reikte me een badlaken aan. Een meisje in een rolstoel gaf me een bosje bloemen, keek me glimlachend aan en zei “bedankt”.
Ineens was het zweet vergeten. Was het bloed in mijn schoen vergeten.
Alleen de tranen bleven.
Ook Dinszin is een initiatief van Aline, bij haar vind je ook de opdracht en linkjes naar de andere deelnemers(even naar beneden voor de opdracht van 29 mei, ik ben wat laat deze keer). Bij Dinszin is het de bedoeling met een gegeven zin een verhaal te beginnen, lengte enzovoort zijn verder vrij.
WoW: Kamer
Hij keek in de spiegel. Het scheelde een hoop tijd dat hij het sikje op zijn kin niet meer op hoefde te plakken. Zijn gedachten dwaalden weer eens naar het verleden.
Hoe het allemaal was begonnen zo lang geleden. De buurjongen die hem de eerste beginselen had bijgebracht. Samen met hem geoefend had voor zijn eerste optreden tussen de schuifdeuren.
De buurjongen die in de oorlog ineens verdween. Opgepakt hadden de buren gefluisterd. Nooit had hij zijn leermeester meer teruggezien. Dat speet hem, maar het was niet anders; zo velen waren na de oorlog niet teruggekeerd.
Er werd geklopt: het was tijd voor de show. Terwijl hij achter de assistent aan liep wierp hij nog een laatste blik in de kleedkamer. Een kamer waaraan hij zoveel herinneringen had. Goede, maar ook slechte.
Eigenlijk begreep hij niet hoe hij zich over had laten halen tot een laatste optreden. Hij was van de oude stempel. Het trekken van volle zalen was nu weggelegd voor zijn veel jongere collega’s.
Hij hoorde zijn impresario roepen: “en dan nu: Joacim Magnificat!! Geef hem een daverend applaus”. Eenmaal op het podium werd hem gevraagd of hij eindelijk een geheim kon verklappen. Hij begon te vertellen.
Toen hij toe was aan “… ik heb Levi van de slager….” , klonk achterin de zaal een luide klap. Een oude man was gevallen en grabbelde naar zijn stok. Er viel een diepe stilte over de zaal toen de oude man overeind was geholpen en uit volle borst riep:
“J O C H E M”
WoW (Write on Wednesday) is een initiatief van Aline waarbij het de bedoeling is om op basis van een gegeven woord een verhaal van (bij voorkeur exact) 250 woorden te schrijven. Bij haar vind je ook de opdrachten en linkjes naar de andere deelnemers.
Hoe het allemaal was begonnen zo lang geleden. De buurjongen die hem de eerste beginselen had bijgebracht. Samen met hem geoefend had voor zijn eerste optreden tussen de schuifdeuren.
De buurjongen die in de oorlog ineens verdween. Opgepakt hadden de buren gefluisterd. Nooit had hij zijn leermeester meer teruggezien. Dat speet hem, maar het was niet anders; zo velen waren na de oorlog niet teruggekeerd.
Er werd geklopt: het was tijd voor de show. Terwijl hij achter de assistent aan liep wierp hij nog een laatste blik in de kleedkamer. Een kamer waaraan hij zoveel herinneringen had. Goede, maar ook slechte.
Eigenlijk begreep hij niet hoe hij zich over had laten halen tot een laatste optreden. Hij was van de oude stempel. Het trekken van volle zalen was nu weggelegd voor zijn veel jongere collega’s.
Hij hoorde zijn impresario roepen: “en dan nu: Joacim Magnificat!! Geef hem een daverend applaus”. Eenmaal op het podium werd hem gevraagd of hij eindelijk een geheim kon verklappen. Hij begon te vertellen.
Toen hij toe was aan “… ik heb Levi van de slager….” , klonk achterin de zaal een luide klap. Een oude man was gevallen en grabbelde naar zijn stok. Er viel een diepe stilte over de zaal toen de oude man overeind was geholpen en uit volle borst riep:
“J O C H E M”
WoW (Write on Wednesday) is een initiatief van Aline waarbij het de bedoeling is om op basis van een gegeven woord een verhaal van (bij voorkeur exact) 250 woorden te schrijven. Bij haar vind je ook de opdrachten en linkjes naar de andere deelnemers.
donderdag, juni 07, 2012
WE-300: Een grijze muis.
Een grijze muis was het, die overbuurvrouw van hem. Hij had haar vaak zien lopen. Het haar in een knotje. Alledaagse kleding, alledaagse schoenen. Het enige niet alledaagse was die eeuwige trui. Of het nu warm was of koud: geen jas, nooit eens alleen een blouse, altijd die trui in verschillende grijstinten. Hij paste precies bij haar verdere grijsheid.
Als hij haar tegenkwam groette hij haar en ze groette altijd, maar vaak wat afwezig ,terug. Tot een gesprek was het nooit gekomen. Hij had geen idee wat ze deed, waar ze van leefde. Ze kreeg weinig bezoek, leek weinig waarde te hechten aan contacten met buren en kwam meestal over alsof ze er met haar gedachten niet helemaal bij was.
Ze leefde ook vreemd. Soms brandde het licht ’s nachts om twee uur nog. Een andere keer ging het al voor tien uur uit of ging het om vier uur ’s nachts aan. Niet dat hij nieuwsgierig was, maar zijn eigen dagindeling was ook niet bepaald regelmatig te noemen dus was het hem opgevallen.
Ze leek altijd aan de achtertafel te zitten met een laptop voor zich. Of voor het raam te staan, zonder echt naar buiten te kijken, in gedachten verzonken. Verder viel er eigenlijk niets over zijn overbuurvrouw te vertellen.
Wat er vandaag gebeurd was had hem dan ook verbijsterd. De postbode was net geweest toen er aangebeld werd en de overbuurvrouw voor de deur bleek te staan. Die hem glunderend aanstaarde en vol enthousiasme riep “wat me nu toch gebeurd is…”. Het was een heel verhaal geworden. Toen ze eindelijk vertrok had ze zich uitgebreid verontschuldigd en gezegd “ik moest dit echt aan iemand vertellen, bedankt voor het luisteren”.
Misschien moest hij toch haar boek, dat binnenkort zou verschijnen, eens doornemen om te ontdekken wat haar bewoog.
( N.B.: ik heb het woord van de opdracht op twee manieren gebruikt. Kun je ze beide ontdekken? (de oplossing staat al ergens in de reacties, dus niet spieken hè. Een eventuele volgende keer dat ik zoiets doe meld ik het wel in de kleine lettertjes onder het verhaal maar geef ik de oplossing als die niet gevonden is pas na een week.)
WE-300 is een initiatief van Plato waarbij het de bedoeling is om op basis van het woord van de opdracht een verhaal van exact 300 woorden te schrijven zonder dit woord in het verhaal te gebruiken. De opdracht en linkjes naar andere deelnemers zijn bij hem te vinden
Als hij haar tegenkwam groette hij haar en ze groette altijd, maar vaak wat afwezig ,terug. Tot een gesprek was het nooit gekomen. Hij had geen idee wat ze deed, waar ze van leefde. Ze kreeg weinig bezoek, leek weinig waarde te hechten aan contacten met buren en kwam meestal over alsof ze er met haar gedachten niet helemaal bij was.
Ze leefde ook vreemd. Soms brandde het licht ’s nachts om twee uur nog. Een andere keer ging het al voor tien uur uit of ging het om vier uur ’s nachts aan. Niet dat hij nieuwsgierig was, maar zijn eigen dagindeling was ook niet bepaald regelmatig te noemen dus was het hem opgevallen.
Ze leek altijd aan de achtertafel te zitten met een laptop voor zich. Of voor het raam te staan, zonder echt naar buiten te kijken, in gedachten verzonken. Verder viel er eigenlijk niets over zijn overbuurvrouw te vertellen.
Wat er vandaag gebeurd was had hem dan ook verbijsterd. De postbode was net geweest toen er aangebeld werd en de overbuurvrouw voor de deur bleek te staan. Die hem glunderend aanstaarde en vol enthousiasme riep “wat me nu toch gebeurd is…”. Het was een heel verhaal geworden. Toen ze eindelijk vertrok had ze zich uitgebreid verontschuldigd en gezegd “ik moest dit echt aan iemand vertellen, bedankt voor het luisteren”.
Misschien moest hij toch haar boek, dat binnenkort zou verschijnen, eens doornemen om te ontdekken wat haar bewoog.
( N.B.: ik heb het woord van de opdracht op twee manieren gebruikt. Kun je ze beide ontdekken? (de oplossing staat al ergens in de reacties, dus niet spieken hè. Een eventuele volgende keer dat ik zoiets doe meld ik het wel in de kleine lettertjes onder het verhaal maar geef ik de oplossing als die niet gevonden is pas na een week.)
WE-300 is een initiatief van Plato waarbij het de bedoeling is om op basis van het woord van de opdracht een verhaal van exact 300 woorden te schrijven zonder dit woord in het verhaal te gebruiken. De opdracht en linkjes naar andere deelnemers zijn bij hem te vinden
WOT (Write on Thursday) - Toetsen
Eindexamen
Kon hij zijn zenuwen nu maar in bedwang krijgen. Hij keek neer op zijn trillende vingers. Dat kon hij nu net niet gebruiken, alles hing af van precisie, van gevoel, van de juiste "touch". Hier had hij jaren voor gestudeerd, het mocht nu niet mis gaan.
Zijn gedachten dwaalden even terug. Hoe het was begonnen. Het toelatingsexamen. De momenten waarop hij zijn vooruitgang aan had moeten tonen. Hij had een vreselijke hekel gehad aan die momenten. Toch waren ze nodig geweest om te weten waar hij stond, te bepalen waar nog winst te behalen viel. Nu zou blijken of het allemaal de moeite waard was geweest, of hij het echt in zich had.
De doodse stilte benauwde hem, in plaats van het gemakkelijker te maken zich te concentreren werd het er juist moeilijker door. Hij keek op en haalde diep adem. En begon.
Ineens was het er, het gevoel, de "touch". De rest van de wereld leek niet meer te bestaan terwijl hij zich geconcentreerd naar het einde werkte. Want werken dat bleef het: hij voelde het zweet op zijn voorhoofd, de spanning in zijn lijf met vreemd genoeg gelijk een ontspanning in zijn armen, zijn handen, zijn vingers.
Er klonk een daverend applaus door de zaal toen hij zijn vingers na het laatste akkoord even boven de toetsen liet zweven, opstond en boog.
De opdrachten voor Write on Thursday en linkjes naar de verhalen van andere deelnemers vind je bij Met-K . Ik heb een en ander waarschijnlijk, gezien de verhalen/logjes die ik bij ander deelnemers las, niet helemaal benaderd zoals de bedoeling van de WOT opdrachten is, door er een kort verhaal van te maken. Korte verhalen gaan mij echter een stuk makkelijker af dan beschouwingen, dus laat ik het zo, ik heb alleen de tweede alinea nog iets uitgebreid om toch mijn mening over toetsen iets meer tot uitdrukking te brengen.
Kon hij zijn zenuwen nu maar in bedwang krijgen. Hij keek neer op zijn trillende vingers. Dat kon hij nu net niet gebruiken, alles hing af van precisie, van gevoel, van de juiste "touch". Hier had hij jaren voor gestudeerd, het mocht nu niet mis gaan.
Zijn gedachten dwaalden even terug. Hoe het was begonnen. Het toelatingsexamen. De momenten waarop hij zijn vooruitgang aan had moeten tonen. Hij had een vreselijke hekel gehad aan die momenten. Toch waren ze nodig geweest om te weten waar hij stond, te bepalen waar nog winst te behalen viel. Nu zou blijken of het allemaal de moeite waard was geweest, of hij het echt in zich had.
De doodse stilte benauwde hem, in plaats van het gemakkelijker te maken zich te concentreren werd het er juist moeilijker door. Hij keek op en haalde diep adem. En begon.
Ineens was het er, het gevoel, de "touch". De rest van de wereld leek niet meer te bestaan terwijl hij zich geconcentreerd naar het einde werkte. Want werken dat bleef het: hij voelde het zweet op zijn voorhoofd, de spanning in zijn lijf met vreemd genoeg gelijk een ontspanning in zijn armen, zijn handen, zijn vingers.
Er klonk een daverend applaus door de zaal toen hij zijn vingers na het laatste akkoord even boven de toetsen liet zweven, opstond en boog.
De opdrachten voor Write on Thursday en linkjes naar de verhalen van andere deelnemers vind je bij Met-K . Ik heb een en ander waarschijnlijk, gezien de verhalen/logjes die ik bij ander deelnemers las, niet helemaal benaderd zoals de bedoeling van de WOT opdrachten is, door er een kort verhaal van te maken. Korte verhalen gaan mij echter een stuk makkelijker af dan beschouwingen, dus laat ik het zo, ik heb alleen de tweede alinea nog iets uitgebreid om toch mijn mening over toetsen iets meer tot uitdrukking te brengen.
zondag, december 25, 2011
Eenzaamheid (WE-300 Kerstspecial 2012)
Hij kreunde terwijl hij zijn benen over de rand van het bed liet zakken op zoek naar zijn pantoffels. Die stijfheid ’s morgens werd de laatste tijd steeds erger. Terwijl hij zijn ochtendjas dichtknoopte stommelde hij de trap af en knipte het licht in de woonkamer aan. Daarna trok hij moeizaam de kleren aan die over een stoel voor de kachel hingen.
Hij slofte naar de hoek van de kamer en stopte een stekker in een stopcontact. De lichtjes in de kerstboom sprongen aan. Hij keek er naar en vroeg zich af waarom hij de moeite nam om die boom ieder jaar weer neer te zetten en op te tuigen. Voor de gezelligheid? Ach, wat nou gezelligheid. Of die boom er nu stond of niet, alleen was alleen en daar veranderden een paar lichtjes niets aan.
Hij werd er altijd eerder melancholiek van. Dan zag hij de piek in de boom en dacht aan hoe hij en El die meer dan vijftig jaar geleden samen hadden gekocht. Het engeltje met de gebroken vleugel dat El al sinds haar jeugd had gehad en nooit had willen vervangen.
Maar El was er nu al zeven jaar niet meer. Al wat hij bereikte met het opzetten van die boom en het er in hangen van die versieringen was extra nadruk op dat verlies. Eigenlijk was dit gewoon een rottijd. De kinderen hadden het ook te druk met hun eigen kinderen en kleinkinderen. Hij zat hier gewoon in zijn eentje naar een boom vol herinneringen te kijken.
Plotseling ging de deurbel. Hij trok verbaasd de gangdeur open. Er stond inderdaad iemand dus hij ging maar open doen. Hij kon zijn tranen nauwelijks inhouden toen een vriendelijke stem zei “buurman, waarom komt U Kerst niet bij ons vieren, ruimte en eten hebben we genoeg hoor”.
(WE-300 is een initiatief van Plato waarbij het de bedoeling is een verhaal van precies 300 woorden te schrijven. De spelregels, die voor deze Kerstspecial iets afwijken van gebruikelijk, de opdracht en linkjes naar andere verhalen vind je eveneens bij Plato.)
Hij slofte naar de hoek van de kamer en stopte een stekker in een stopcontact. De lichtjes in de kerstboom sprongen aan. Hij keek er naar en vroeg zich af waarom hij de moeite nam om die boom ieder jaar weer neer te zetten en op te tuigen. Voor de gezelligheid? Ach, wat nou gezelligheid. Of die boom er nu stond of niet, alleen was alleen en daar veranderden een paar lichtjes niets aan.
Hij werd er altijd eerder melancholiek van. Dan zag hij de piek in de boom en dacht aan hoe hij en El die meer dan vijftig jaar geleden samen hadden gekocht. Het engeltje met de gebroken vleugel dat El al sinds haar jeugd had gehad en nooit had willen vervangen.
Maar El was er nu al zeven jaar niet meer. Al wat hij bereikte met het opzetten van die boom en het er in hangen van die versieringen was extra nadruk op dat verlies. Eigenlijk was dit gewoon een rottijd. De kinderen hadden het ook te druk met hun eigen kinderen en kleinkinderen. Hij zat hier gewoon in zijn eentje naar een boom vol herinneringen te kijken.
Plotseling ging de deurbel. Hij trok verbaasd de gangdeur open. Er stond inderdaad iemand dus hij ging maar open doen. Hij kon zijn tranen nauwelijks inhouden toen een vriendelijke stem zei “buurman, waarom komt U Kerst niet bij ons vieren, ruimte en eten hebben we genoeg hoor”.
(WE-300 is een initiatief van Plato waarbij het de bedoeling is een verhaal van precies 300 woorden te schrijven. De spelregels, die voor deze Kerstspecial iets afwijken van gebruikelijk, de opdracht en linkjes naar andere verhalen vind je eveneens bij Plato.)
zondag, oktober 16, 2011
Vijf van Vrijdag: Oud gediende.
Hij keek de kantine rond en kwam veel bekende gezichten tegen. Meest oudere gezichten van mensen die hier net als hij al jaren werkten. En wat jongere gezichten van de afdeling automatisering. Daar had hij op de administratie namelijk geregeld mee te maken. Zijn gedachten dwaalden even terug naar hoe hij zelf ooit bij het bedrijf begonnen was. Ondanks zijn studie bedrijfseconomie had hij gesolliciteerd als administratief medewerker. De werkeloosheid was hoog geweest en met zijn dure diploma duimen gaan draaien zag hij niet zo zitten.
Ze hadden hem aangenomen. Uiteraard voor een veel lager salaris dan zijn studiegenoten die wel een baan in hun studierichting hadden gevonden kregen, maar altijd nog meer dan de meerderheid die werkeloos thuis zat. Toen de economie aantrok en er weer meer banen op zijn niveau beschikbaar kwamen hadden de twijfels toegeslagen. Inmiddels had hij echter flink promotie gemaakt: dat hij meer kon dan simpele administratieve handelingen was op de afdeling en door het bedrijf onderkend en beloond. Misschien ouderwets, maar hij was uit loyaliteit gebleven ondanks het nog steeds aan de lage kant zijnde salaris.
Bij de volgende economische crisis was hij blij met die beslissing: terwijl voor veel van zijn vroegere studiegenoten ontslag dreigde omdat ze duur waren en er ook in de top van bedrijven flink gesnoeid moest worden behield hij moeiteloos zijn baan. Door zijn achtergrond was hij nog steeds een toppertje in zijn vak en zelfs als een bedrijf in moest krimpen: de administratie moest altijd gevoerd worden. Bovendien was hij zijn geld dubbel en dwars waard: ondanks nog een promotie was hij feitelijk nog steeds hoger opgeleid dan de functie vereiste.
En nu was er weer een economische terugval. Bijeenkomsten in de kantine werden met angst en beven tegemoet gezien. De hele wereld verkeerde in crisis en berichten over reorganisaties, bedrijfssluitingen en dergelijke waren aan de orde van de dag. Je werd er niet vrolijk van, vooral ouderen die zonder werk kwamen te zitten hadden het zwaar. Te oud, te duur: er was keuze genoeg uit honderdduizenden jongeren die goedkoper waren en opleidingen hadden genoten die meer up-to-date waren. Ouder dan vijftig en soms zelfs nog jonger hoefde je eigenlijk niet meer op een nieuwe baan te rekenen.
Genoeg gepiekerd. Voor hem had het allemaal geen belang. Hoewel de directeur in zijn toespraak ongetwijfeld aan de zware tijden zou refereren kon dat hem niet meer raken. Bezuinigingen? Ontslagrondes? Reorganisaties? Het zou zijn tijd wel uit duren. Hij keek op zijn horloge: zijn tijd duurde nog precies twee uur. Daarna zou hij de laatste verlofdagen opmaken in aanloop naar zijn pensioen. Maar voor die tijd was er eerst nog een feest. Hij had het tenslotte wel veertig jaar volgehouden bij hetzelfde bedrijf.
VvV (Vijf van Vrijdag) is een initiatief van Aline. Bij haar vind je ook de opdracht en linkjes naar andere deelnemers.
Ze hadden hem aangenomen. Uiteraard voor een veel lager salaris dan zijn studiegenoten die wel een baan in hun studierichting hadden gevonden kregen, maar altijd nog meer dan de meerderheid die werkeloos thuis zat. Toen de economie aantrok en er weer meer banen op zijn niveau beschikbaar kwamen hadden de twijfels toegeslagen. Inmiddels had hij echter flink promotie gemaakt: dat hij meer kon dan simpele administratieve handelingen was op de afdeling en door het bedrijf onderkend en beloond. Misschien ouderwets, maar hij was uit loyaliteit gebleven ondanks het nog steeds aan de lage kant zijnde salaris.
Bij de volgende economische crisis was hij blij met die beslissing: terwijl voor veel van zijn vroegere studiegenoten ontslag dreigde omdat ze duur waren en er ook in de top van bedrijven flink gesnoeid moest worden behield hij moeiteloos zijn baan. Door zijn achtergrond was hij nog steeds een toppertje in zijn vak en zelfs als een bedrijf in moest krimpen: de administratie moest altijd gevoerd worden. Bovendien was hij zijn geld dubbel en dwars waard: ondanks nog een promotie was hij feitelijk nog steeds hoger opgeleid dan de functie vereiste.
En nu was er weer een economische terugval. Bijeenkomsten in de kantine werden met angst en beven tegemoet gezien. De hele wereld verkeerde in crisis en berichten over reorganisaties, bedrijfssluitingen en dergelijke waren aan de orde van de dag. Je werd er niet vrolijk van, vooral ouderen die zonder werk kwamen te zitten hadden het zwaar. Te oud, te duur: er was keuze genoeg uit honderdduizenden jongeren die goedkoper waren en opleidingen hadden genoten die meer up-to-date waren. Ouder dan vijftig en soms zelfs nog jonger hoefde je eigenlijk niet meer op een nieuwe baan te rekenen.
Genoeg gepiekerd. Voor hem had het allemaal geen belang. Hoewel de directeur in zijn toespraak ongetwijfeld aan de zware tijden zou refereren kon dat hem niet meer raken. Bezuinigingen? Ontslagrondes? Reorganisaties? Het zou zijn tijd wel uit duren. Hij keek op zijn horloge: zijn tijd duurde nog precies twee uur. Daarna zou hij de laatste verlofdagen opmaken in aanloop naar zijn pensioen. Maar voor die tijd was er eerst nog een feest. Hij had het tenslotte wel veertig jaar volgehouden bij hetzelfde bedrijf.
VvV (Vijf van Vrijdag) is een initiatief van Aline. Bij haar vind je ook de opdracht en linkjes naar andere deelnemers.
vrijdag, september 23, 2011
WoW 21.09.2011: Prikkel
Het was een daverende klap geweest. Zo’n autobus kwam hard aan. Vrienden, bekenden, zelfs wildvreemden hadden hem al vele malen gewaarschuwd dat wat hij met die motor uithaalde volstrekt onverantwoord was. Dat het ooit een keer helemaal fout zou gaan.
Hij had er altijd zijn schouders over opgehaald. Een heftige pijnscheut bracht hem weer enigszins bij zijn positieven. Hij hoorde rennende mensen. Een hoop geroezemoes. Hij deed een oog open. Om de een of andere reden wilde het andere oog niet mee doen. Kneep het gelijk weer dicht , verblindt door het felle licht. Witte figuren stonden om hem heen. Zijn engelen.
Hij voelde hoe hij werd opgeheven. Hoe hij leek te zweven. Hoe hij langzaam wegdreef. Zijn engelen zouden voor hem zorgen, het zou allemaal goed komen. Plotseling voelde hij een heftige pijn.
Iemand was bezig de helm van zijn hoofd te verwijderen en bij iedere beweging ging er een vlammende pijn door zijn schouder en ribbenkast.
Hij sloeg weer zijn ogen op. Knipperde met het ene oog dat reageerde tot het licht hem niet meer verblindde. Een geruststellende glimlach, of was het een gerustgestelde glimlach, verscheen op het gelaat van de engel.
Hij probeerde voorzichtig om overeind te komen. Toen hij eenmaal stond tussen twee engelen in tuitten zijn oren van de storm van geluid die opsteeg terwijl de stadionspeaker schreeuwde “applaus voor Charlie and his Angels”.
Hij had het weer voor elkaar. Dit waren de prikkels die hij nodig had om echt te voelen dat hij leefde.
WoW (Write on Wednesday) is een initiatief van Aline. Bij haar vind je ook de opdracht en linkjes naar de verhalen van andere deelnemers.
Hij had er altijd zijn schouders over opgehaald. Een heftige pijnscheut bracht hem weer enigszins bij zijn positieven. Hij hoorde rennende mensen. Een hoop geroezemoes. Hij deed een oog open. Om de een of andere reden wilde het andere oog niet mee doen. Kneep het gelijk weer dicht , verblindt door het felle licht. Witte figuren stonden om hem heen. Zijn engelen.
Hij voelde hoe hij werd opgeheven. Hoe hij leek te zweven. Hoe hij langzaam wegdreef. Zijn engelen zouden voor hem zorgen, het zou allemaal goed komen. Plotseling voelde hij een heftige pijn.
Iemand was bezig de helm van zijn hoofd te verwijderen en bij iedere beweging ging er een vlammende pijn door zijn schouder en ribbenkast.
Hij sloeg weer zijn ogen op. Knipperde met het ene oog dat reageerde tot het licht hem niet meer verblindde. Een geruststellende glimlach, of was het een gerustgestelde glimlach, verscheen op het gelaat van de engel.
Hij probeerde voorzichtig om overeind te komen. Toen hij eenmaal stond tussen twee engelen in tuitten zijn oren van de storm van geluid die opsteeg terwijl de stadionspeaker schreeuwde “applaus voor Charlie and his Angels”.
Hij had het weer voor elkaar. Dit waren de prikkels die hij nodig had om echt te voelen dat hij leefde.
WoW (Write on Wednesday) is een initiatief van Aline. Bij haar vind je ook de opdracht en linkjes naar de verhalen van andere deelnemers.
WE-300: Afspraakje.
Hij keek op zijn horloge. Vervolgens op het bord boven zijn hoofd. Dat meldde nog steeds “vertraging 10 minuten”. Die mededeling stond er nu al een half uur. Krakend kwam de omroepinstallatie tot leven. Een luide fluittoon gevolgd door een stem die vertelde “..standigheden geen treinverkeer mogelijk. Er zullen *piep* mogelijk bussen worden ingezet”.
Nou lekker dan. Hij was de hele dag al met voorbereidingen bezig geweest. Had met veel moeite zijn medebewoners zover gekregen dat hij twee uur lang de keuken helemaal voor zichzelf zou hebben. Had opgeruimd, ook in de tuin. De hele keuken schoongemaakt.
Alles moest perfect zijn vanavond. Hij had boodschappen gedaan. Een bloemetje. Een goed stuk vlees dat nu in een marinade lag. Het merk wijn dat zij zo lekker vond gehaald. Het had hem bijna zijn hele weekgeld gekost, maar dat was het hem wel waard. Lampen en meubilair had hij eindeloos verplaatst zodat het er zo gezellig mogelijk uit zag. Dit was een belangrijke gebeurtenis, er mocht gewoon niets mis gaan.
En dan nu dit. De mededeling werd herhaald. Nu hoorde hij dat het inzetten van bussen “zo spoedig mogelijk” zou gebeuren, maar hoe spoedig dat dan was werd er natuurlijk niet bij verteld. Hij zou weer moeten smeken om de keuken wat langer vrij te houden.
De sfeer zou natuurlijk al direct anders zijn dan hij zich had voorgesteld. Zo’n vertraging ging je niet in de koude kleren zitten, dat ging hij merken aan haar stemming. Zijn mobieltje begon een vrolijk deuntje te spelen. Dat moest zij wel zijn.
Toen hij opnam klonk haar stem aan de andere kant van de lijn. Geïrriteerd. “Dit is geen doen, het gaat nog minstens een half uur duren. Ik kom wel een andere keer. Dag lieverd”.
Hij wilde protesteren, maar zijn moeder had al opgehangen.
WE-300 is een initiatief van Plato waarbij het de bedoeling is een verhaal van precies 300 woorden te schrijven (WE-300 = Woord exact 300). Bij hem vind je ook de opdracht en linkjes naar de verhalen van andere deelnemers.
Nou lekker dan. Hij was de hele dag al met voorbereidingen bezig geweest. Had met veel moeite zijn medebewoners zover gekregen dat hij twee uur lang de keuken helemaal voor zichzelf zou hebben. Had opgeruimd, ook in de tuin. De hele keuken schoongemaakt.
Alles moest perfect zijn vanavond. Hij had boodschappen gedaan. Een bloemetje. Een goed stuk vlees dat nu in een marinade lag. Het merk wijn dat zij zo lekker vond gehaald. Het had hem bijna zijn hele weekgeld gekost, maar dat was het hem wel waard. Lampen en meubilair had hij eindeloos verplaatst zodat het er zo gezellig mogelijk uit zag. Dit was een belangrijke gebeurtenis, er mocht gewoon niets mis gaan.
En dan nu dit. De mededeling werd herhaald. Nu hoorde hij dat het inzetten van bussen “zo spoedig mogelijk” zou gebeuren, maar hoe spoedig dat dan was werd er natuurlijk niet bij verteld. Hij zou weer moeten smeken om de keuken wat langer vrij te houden.
De sfeer zou natuurlijk al direct anders zijn dan hij zich had voorgesteld. Zo’n vertraging ging je niet in de koude kleren zitten, dat ging hij merken aan haar stemming. Zijn mobieltje begon een vrolijk deuntje te spelen. Dat moest zij wel zijn.
Toen hij opnam klonk haar stem aan de andere kant van de lijn. Geïrriteerd. “Dit is geen doen, het gaat nog minstens een half uur duren. Ik kom wel een andere keer. Dag lieverd”.
Hij wilde protesteren, maar zijn moeder had al opgehangen.
WE-300 is een initiatief van Plato waarbij het de bedoeling is een verhaal van precies 300 woorden te schrijven (WE-300 = Woord exact 300). Bij hem vind je ook de opdracht en linkjes naar de verhalen van andere deelnemers.
vrijdag, augustus 19, 2011
Nachtwacht.
Hij begon stijf te worden, voelde zich koud en klam. Voorzichtig ging hij een beetje verzitten, ze moesten hem absoluut niet horen. Hoelang zat hij hier nu al? Hij trok zijn jas over zijn hoofd en drukte op een knopje van zijn mobiel om het beeldscherm op te laten lichten. Half vier bijna, dan zat hij dus nog maar net iets meer dan een uur hier. Het kon nog wel even duren. Wat verlangde hij naar zijn bed. Dat was behaaglijk warm geweest maar hij had het verlaten om hier in alle vroegte op wacht te gaan zitten.
Misschien dat hij weer een beetje warm zou worden van een kop koffie. Op de tast pakte hij de thermosfles en draaide de beker er af. Klemde die tussen zijn voeten zodat hij wist waar die stond en draaide heel voorzichtig de dop los. Hij schrok van het gesis toen de dop los kwam en bleef wel een minuut roerloos zitten met zijn hand op de dop. Er was niets te horen. Hij pakte de beker en schonk voorzichtig wat koffie in. Niet te veel, hij kon niet zien hoe vol de beker was, beter te weinig dan teveel.
Na een voorzichtige nip van de gloeiend hete koffie zette hij de beker weer tussen zijn voeten en tuurde even de nacht in. En ontdekte dat de damp van de koffie de lenzen van de verrekijker had doen beslaan. Hij zocht in het foedraal naar het poetslapje en maakte ze voorzichtig weer droog. Wilde toen het doekje weer opbergen maar bedacht zich. De camera had natuurlijk ook die damp meegekregen. Hij maakte ook die droog en keek even door de zoeker. Hij kon net onderscheiden dat het boven de bomen iets lichter begon te worden.
Weinig licht om bij te fotograferen. En de flitser kon hij uiteraard niet gebruiken, dan was hij gelijk verraden en kon hij het verder wel vergeten. Hopelijk duurde het nog even zodat er wat meer licht zou zijn. Op de computer kon hij wel veel corrigeren, maar onbewerkte foto’s waren natuurlijk veel overtuigender. Hij kon er niets aan veranderen, ze kwamen wanneer ze kwamen en dan moest hij klaar zijn om alles vast te leggen. Hij pakte het doekje weer en poetste alles nog een keer schoon en droog.
Precies op dat moment klonk er geluid vanuit de bosrand. Hij liet het doekje vallen en keek door de kijker. Gelukkig, het licht werd al wat beter en met enige moeite onderscheidde hij wat beweging in de bosrand. Hopelijk kwamen ze wat verder het bos uit. Hij pakte de camera en stelde die in. Het mooie van zo’n digitale camera was dat je in de zoeker kon zien wat je deed. Even later klonk een luid gekraak en een beestachtig gebrul. Hij drukte steeds weer af. Geruime tijd later bekeek hij onder zijn jas de foto’s van het burlende edelhert.
Geschreven in het kader van VvV (Vijf van Vrijdag) een schrijfopdracht van Aline. Bij haar vind je de opdracht en linkjes naar de verhalen van andere deelnemers.
Misschien dat hij weer een beetje warm zou worden van een kop koffie. Op de tast pakte hij de thermosfles en draaide de beker er af. Klemde die tussen zijn voeten zodat hij wist waar die stond en draaide heel voorzichtig de dop los. Hij schrok van het gesis toen de dop los kwam en bleef wel een minuut roerloos zitten met zijn hand op de dop. Er was niets te horen. Hij pakte de beker en schonk voorzichtig wat koffie in. Niet te veel, hij kon niet zien hoe vol de beker was, beter te weinig dan teveel.
Na een voorzichtige nip van de gloeiend hete koffie zette hij de beker weer tussen zijn voeten en tuurde even de nacht in. En ontdekte dat de damp van de koffie de lenzen van de verrekijker had doen beslaan. Hij zocht in het foedraal naar het poetslapje en maakte ze voorzichtig weer droog. Wilde toen het doekje weer opbergen maar bedacht zich. De camera had natuurlijk ook die damp meegekregen. Hij maakte ook die droog en keek even door de zoeker. Hij kon net onderscheiden dat het boven de bomen iets lichter begon te worden.
Weinig licht om bij te fotograferen. En de flitser kon hij uiteraard niet gebruiken, dan was hij gelijk verraden en kon hij het verder wel vergeten. Hopelijk duurde het nog even zodat er wat meer licht zou zijn. Op de computer kon hij wel veel corrigeren, maar onbewerkte foto’s waren natuurlijk veel overtuigender. Hij kon er niets aan veranderen, ze kwamen wanneer ze kwamen en dan moest hij klaar zijn om alles vast te leggen. Hij pakte het doekje weer en poetste alles nog een keer schoon en droog.
Precies op dat moment klonk er geluid vanuit de bosrand. Hij liet het doekje vallen en keek door de kijker. Gelukkig, het licht werd al wat beter en met enige moeite onderscheidde hij wat beweging in de bosrand. Hopelijk kwamen ze wat verder het bos uit. Hij pakte de camera en stelde die in. Het mooie van zo’n digitale camera was dat je in de zoeker kon zien wat je deed. Even later klonk een luid gekraak en een beestachtig gebrul. Hij drukte steeds weer af. Geruime tijd later bekeek hij onder zijn jas de foto’s van het burlende edelhert.
Geschreven in het kader van VvV (Vijf van Vrijdag) een schrijfopdracht van Aline. Bij haar vind je de opdracht en linkjes naar de verhalen van andere deelnemers.
woensdag, augustus 17, 2011
Invalshoek: Vakantiehuis==>>gevoel.
Eindelijk: vakantie. Hij schoof wat heen en weer in zijn stoel tot hij lekker zat, trok de zonnebril naar beneden en reikte naast zich op de grond om zijn boek op te pakken. Of zou hij eerst de koffie opdrinken voor die koud werd? Want dat zou ongetwijfeld gebeuren als hij eenmaal aan het lezen was.
Ach wat maakte het uit, dan zette hij wel weer nieuwe. Vakantie ging er immers om dat je gewoon deed wat je gevoel je ingaf. Om vrij zijn van alle verplichtingen. Kunnen gaan en staan waar je wilde. Daarom had hij ook nooit toegegeven aan de aandrang van familie om op zijn leeftijd toch eens te gaan denken aan georganiseerde vakantiereisjes. OK: dan had je alles bij de hand en werd alles voor je geregeld. Waar je wanneer heen ging, wat waar gegeten werd. Welke excursies je interessant hoorde te vinden.
Dat was toch geen vakantie? Juist dat op de bonnefooi ergens heen trekken, vrij zijn om de volgende dag ergens anders te zijn en te doen en laten wat je wilde, dat was het ware vakantiegevoel. Hij had wel wat concessies gedaan: voor zijn vervoer was hij tegenwoordig afhankelijk van anderen dus dat vrij rondtrekken was verleden tijd. Maar zolang zijn gezondheid het nog enigszins toeliet wilde hij voor de rest zo vrij mogelijk zijn. Hij bepaalde zelf wel of hij mee wilde naar een museum of een dierenpark. Wat hij die dag wilde eten en of hij dat zelf klaar maakte of de plaatselijk horeca een kans gaf hem te verwennen.
Zo denkend was hij kennelijk wat weggedommeld: zijn koffie was koud en het boek lag dichtgeslagen op de grond. Eerst maar verse koffie dan. Hij stond op en verdween in zijn vakantiehuisje om de gasbrander aan te steken en de percolator te vullen.
Zijn vakantiehuisje: dat gaf hem nu nog het meest het vakantiegevoel: het bood nog steeds de mogelijkheid om het op te pakken en ergens anders heen te trekken. Niet dat hij dat ooit nog deed, maar het kon. En daar ging het om. Hij kroop uit zijn tentje terwijl de koffie begon te pruttelen en het sterke aroma de ruimte vulde.
Invalshoek is een schrijfopdracht bij Reismeermin waarbij het de bedoeling is van twee opgegeven woorden een verhaal te maken waarbij het eerste woord het onderwerp aangeeft en het tweede de invalshoek van waaruit het benaderd moet worden. (het is deze keer een verhaal geworden dat enigszins autobiografisch opgevat kan worden)
Ach wat maakte het uit, dan zette hij wel weer nieuwe. Vakantie ging er immers om dat je gewoon deed wat je gevoel je ingaf. Om vrij zijn van alle verplichtingen. Kunnen gaan en staan waar je wilde. Daarom had hij ook nooit toegegeven aan de aandrang van familie om op zijn leeftijd toch eens te gaan denken aan georganiseerde vakantiereisjes. OK: dan had je alles bij de hand en werd alles voor je geregeld. Waar je wanneer heen ging, wat waar gegeten werd. Welke excursies je interessant hoorde te vinden.
Dat was toch geen vakantie? Juist dat op de bonnefooi ergens heen trekken, vrij zijn om de volgende dag ergens anders te zijn en te doen en laten wat je wilde, dat was het ware vakantiegevoel. Hij had wel wat concessies gedaan: voor zijn vervoer was hij tegenwoordig afhankelijk van anderen dus dat vrij rondtrekken was verleden tijd. Maar zolang zijn gezondheid het nog enigszins toeliet wilde hij voor de rest zo vrij mogelijk zijn. Hij bepaalde zelf wel of hij mee wilde naar een museum of een dierenpark. Wat hij die dag wilde eten en of hij dat zelf klaar maakte of de plaatselijk horeca een kans gaf hem te verwennen.
Zo denkend was hij kennelijk wat weggedommeld: zijn koffie was koud en het boek lag dichtgeslagen op de grond. Eerst maar verse koffie dan. Hij stond op en verdween in zijn vakantiehuisje om de gasbrander aan te steken en de percolator te vullen.
Zijn vakantiehuisje: dat gaf hem nu nog het meest het vakantiegevoel: het bood nog steeds de mogelijkheid om het op te pakken en ergens anders heen te trekken. Niet dat hij dat ooit nog deed, maar het kon. En daar ging het om. Hij kroop uit zijn tentje terwijl de koffie begon te pruttelen en het sterke aroma de ruimte vulde.
zaterdag, augustus 13, 2011
Afgebroken. (VvV 13.8.2011)
Ze hadden haar nog zo gewaarschuwd: als ze niet wat voorzichtiger werd zou het een keer helemaal mis gaan. De vorige keer was het nog met een eenvoudige ingreep te verhelpen geweest. Nu moest ze maar afwachten of het deze keer ook weer zoiets simpels zou zijn. Bovendien dreigde ze op deze manier te vereenzamen, ze was iedere keer dat dit gebeurde weer een hele tijd van de rest van de wereld afgesloten. Het duurde steeds langer eer je een afspraak kon maken en al die tijd kon je niets.
Het maakte haar bang: stel je voor dat ze nooit meer met haar vriendinnen een leuk gesprek zou kunnen voeren. Dat ze alles zou vergeten. Ze kende ze wel, van die mensen die nergens meer kwamen. Daardoor vereenzaamden en ieder contact met de wereld verloren. Steeds verder wegzakten in hun eigen wereldje en niets meer opnamen. Die je wel honderd keer hetzelfde kon vertellen zonder dat het wat uithaalde. Zo wilde zij niet eindigen. Ze zou voorzichtiger op zichzelf moeten worden.
Er klonk geroezemoes in de zaal. Voorzichtig schoof ze het witte gordijn dat haar bed van de rest van de ruimte scheidde iets opzij. Mannen in witte jassen kwamen de zaal in. Sommigen hadden een klembord onder de arm, anderen duwden een karretje voor zich uit waarop van alles lag: klemmetjes, draad, tangen en allerlei ander materiaal. Het zag er eng uit. De mannen verdwenen in de behandelkamer. Even later werd het bed tegenover haar opgehaald en de behandelkamer ingereden. Gelukkig, het was begonnen, nu zou het niet lang meer duren.
Terwijl er af en toe zachtjes een kreet uit de behandelkamer doordrong in de wachtruimte dacht ze na over wat er gebeurd was. Het was nogal een rommeltje in huis geworden omdat andere zaken haar teveel in beslag namen om veel aandacht aan het huishouden te besteden. Ineens was ze getruikeld en had ze een stekende pijn in haar hoofd gevoeld. Eenmaal bekomen van de schrik had ze om hulp gebeld. Na een paar minuten kwam al de uitslag van het onderzoek: “Mevrouw, we zullen U in de planning zetten, hier moet toch echt de specialist naar kijken”. Dus hier lag ze nu.
De afscheiding werd opzij geschoven en gehandschoende handen reden haar de behandelkamer in. Een gezicht boog zich over haar heen. “Het is zo gepiept hoor” klonk een stem, “we hebben U zo weer in orde”. Een scherpe steek en alles werd donker. Ze wist niet hoe lang het duurde, maar toen ze weer bij kwam hoorde ze een andere stem: “probeert U het eens, alles zou nu weer moeten werken”. Ze maakte de vertrouwde oogbewegingen en zag het startscherm verschijnen. Snel meldde ze haar vriendinnen dat het gelukt was. De verbinding met haar harddisc was hersteld en ze was weer online.
VvV: Vijf van Vrijdag: een initiatief waarbij van vijf opgegeven woorden een verhaal van vijf alinea's en van 450-500 woorden geschreven moet worden waarbij ieder van die woorden slechts éénmaal gebruikt wordt. In elke alinea één. De opdracht en linkjes naar andere deelnemers vind je bij Aline.
Het maakte haar bang: stel je voor dat ze nooit meer met haar vriendinnen een leuk gesprek zou kunnen voeren. Dat ze alles zou vergeten. Ze kende ze wel, van die mensen die nergens meer kwamen. Daardoor vereenzaamden en ieder contact met de wereld verloren. Steeds verder wegzakten in hun eigen wereldje en niets meer opnamen. Die je wel honderd keer hetzelfde kon vertellen zonder dat het wat uithaalde. Zo wilde zij niet eindigen. Ze zou voorzichtiger op zichzelf moeten worden.
Er klonk geroezemoes in de zaal. Voorzichtig schoof ze het witte gordijn dat haar bed van de rest van de ruimte scheidde iets opzij. Mannen in witte jassen kwamen de zaal in. Sommigen hadden een klembord onder de arm, anderen duwden een karretje voor zich uit waarop van alles lag: klemmetjes, draad, tangen en allerlei ander materiaal. Het zag er eng uit. De mannen verdwenen in de behandelkamer. Even later werd het bed tegenover haar opgehaald en de behandelkamer ingereden. Gelukkig, het was begonnen, nu zou het niet lang meer duren.
Terwijl er af en toe zachtjes een kreet uit de behandelkamer doordrong in de wachtruimte dacht ze na over wat er gebeurd was. Het was nogal een rommeltje in huis geworden omdat andere zaken haar teveel in beslag namen om veel aandacht aan het huishouden te besteden. Ineens was ze getruikeld en had ze een stekende pijn in haar hoofd gevoeld. Eenmaal bekomen van de schrik had ze om hulp gebeld. Na een paar minuten kwam al de uitslag van het onderzoek: “Mevrouw, we zullen U in de planning zetten, hier moet toch echt de specialist naar kijken”. Dus hier lag ze nu.
De afscheiding werd opzij geschoven en gehandschoende handen reden haar de behandelkamer in. Een gezicht boog zich over haar heen. “Het is zo gepiept hoor” klonk een stem, “we hebben U zo weer in orde”. Een scherpe steek en alles werd donker. Ze wist niet hoe lang het duurde, maar toen ze weer bij kwam hoorde ze een andere stem: “probeert U het eens, alles zou nu weer moeten werken”. Ze maakte de vertrouwde oogbewegingen en zag het startscherm verschijnen. Snel meldde ze haar vriendinnen dat het gelukt was. De verbinding met haar harddisc was hersteld en ze was weer online.
VvV: Vijf van Vrijdag: een initiatief waarbij van vijf opgegeven woorden een verhaal van vijf alinea's en van 450-500 woorden geschreven moet worden waarbij ieder van die woorden slechts éénmaal gebruikt wordt. In elke alinea één. De opdracht en linkjes naar andere deelnemers vind je bij Aline.
woensdag, augustus 10, 2011
Machtstrijd (WoW 10-08-2011)
Het had zo leuk geleken. Een uitje voor het personeel. Kort na aankomst hadden ze te horen gekregen dat ze de komende tijd volledig op zichzelf aangewezen zouden zijn omdat door noodweer de weg onbegaanbaar was geworden.
En nu was er iemand dood. Joop van Human Resources. Ze hadden wel de goede uitgekozen. Joop was niet bepaald geliefd. Je had vanaf het begin van je carrière met Joop te maken. Bij het sollicitatiegesprek, later bij de beoordelingsgesprekken. Altijd weer kwam je tegenover Joop te zitten.
Die als een rechter in zijn leren stoel met hoge rugleuning achter zijn bureau zat te draaien, met zijn pen tegen de vingers van zijn andere hand tikkend terwijl hij af en toe knikte en weer eens een aantekening maakte. Je wist nooit waar je aan toe was.
Aan het einde van een gesprek nooit eens enige indicatie hoe het verlopen was. Geen bemoedigend knikje, geen hand. Niets van dat alles. Alleen maar dat fameuze zinnetje “U wordt bedankt, U kunt wel gaan”. Waarna je maar af moest wachten of je periodiek deze keer weer doorging. Of die promotie er in zat.
Joop was machtig. Machtige mensen hebben vijanden. En Joops vijanden leken hier allemaal verzameld. Wie kon dit toch op zijn geweten hebben? Eens nadenken. Gezien de bruutheid leken de vrouwen buiten beschouwing te kunnen blijven. Maar wie van de mannen kwam dan in aanmerking?
Er kon zoveel afhangen van het juiste antwoord, ook al was het maar een spel tijdens een teambuilding weekend.
WoW: Write on Wednesday; is een tweewekelijkse schrijfopdracht voor een verhaal van 250 woorden. De opdracht, spelregels en linkjes naar de verhalen van andere deelnemers vind je bij Aline
En nu was er iemand dood. Joop van Human Resources. Ze hadden wel de goede uitgekozen. Joop was niet bepaald geliefd. Je had vanaf het begin van je carrière met Joop te maken. Bij het sollicitatiegesprek, later bij de beoordelingsgesprekken. Altijd weer kwam je tegenover Joop te zitten.
Die als een rechter in zijn leren stoel met hoge rugleuning achter zijn bureau zat te draaien, met zijn pen tegen de vingers van zijn andere hand tikkend terwijl hij af en toe knikte en weer eens een aantekening maakte. Je wist nooit waar je aan toe was.
Aan het einde van een gesprek nooit eens enige indicatie hoe het verlopen was. Geen bemoedigend knikje, geen hand. Niets van dat alles. Alleen maar dat fameuze zinnetje “U wordt bedankt, U kunt wel gaan”. Waarna je maar af moest wachten of je periodiek deze keer weer doorging. Of die promotie er in zat.
Joop was machtig. Machtige mensen hebben vijanden. En Joops vijanden leken hier allemaal verzameld. Wie kon dit toch op zijn geweten hebben? Eens nadenken. Gezien de bruutheid leken de vrouwen buiten beschouwing te kunnen blijven. Maar wie van de mannen kwam dan in aanmerking?
Er kon zoveel afhangen van het juiste antwoord, ook al was het maar een spel tijdens een teambuilding weekend.
WoW: Write on Wednesday; is een tweewekelijkse schrijfopdracht voor een verhaal van 250 woorden. De opdracht, spelregels en linkjes naar de verhalen van andere deelnemers vind je bij Aline
dinsdag, augustus 09, 2011
De visser (WE300 9-31 08 2011)
Hij schonk zich nog maar eens een kop koffie in. Boog zich opzij en pakte een broodje kaas uit de koffer. Eigenlijk zou hij zijn hengel weer eens moeten controleren, hij had het laatste uur geen aanbeet meer gehad.
Hij haalde zijn schouders op. Zijn vrouw vroeg hem wel eens wat hij daar nou aan vond. Urenlang langs de waterkant zitten, meestal zonder iets te vangen. Hij had geprobeerd het uit te leggen, maar ze had het niet begrepen. “Waarom ga je dan niet gewoon op een bankje bij het water zitten?” had ze gevraagd.
Hij kon haar niet duidelijk maken dat hij zich dan vreemd zou voelen. Die hengel was zijn excuus om hier te zitten en voor zich uit te staren. Van het uitzicht te genieten. De zon op te zien komen. Zeker op een nevelige dag als vandaag was dat een magisch moment. Zijn gedachten konden vrijuit alle kanten op zonder dat iets of iemand de loop ervan beïnvloedde of verstoorde.
Gisteravond had zijn vrouw opeens gezegd: “Ga jij morgen maar vissen, dan loop je mij niet voor de voeten”. Dus was hij om half vier opgestaan, had zijn visspullen in de auto geladen en om vier uur zat hij hier. Nu was het half twaalf, tijd om op te pakken en naar huis te gaan.
Hij draaide de straat in en bracht verbaast de auto tot stilstand. Er was geen vrij parkeerplekje te bekennen, de anders zo rustige straat stond vol met auto’s. Sommige hadden een buitenlands kenteken. Hij reed door en constateerde tot zijn opluchting dat ze de oprit vrij hadden gelaten.
Links van hem stond een grote pop in de voortuin. Met een touwtje was een pot aan een van de armen gebonden. Vanuit de auto kon hij het etiket net ontcijferen: “Dijon mosterd”.
WE300 is een initiatief van Plato waarbij het de bedoeling is naar aanleiding van een opgegeven woord een verhaal van exact 300 woorden te schrijven. En dat zonder het betreffende woord te noemen. De opdracht en linkjes naar de verhalen van andere deelnemers vind je eveneens bij Plato
Hij haalde zijn schouders op. Zijn vrouw vroeg hem wel eens wat hij daar nou aan vond. Urenlang langs de waterkant zitten, meestal zonder iets te vangen. Hij had geprobeerd het uit te leggen, maar ze had het niet begrepen. “Waarom ga je dan niet gewoon op een bankje bij het water zitten?” had ze gevraagd.
Hij kon haar niet duidelijk maken dat hij zich dan vreemd zou voelen. Die hengel was zijn excuus om hier te zitten en voor zich uit te staren. Van het uitzicht te genieten. De zon op te zien komen. Zeker op een nevelige dag als vandaag was dat een magisch moment. Zijn gedachten konden vrijuit alle kanten op zonder dat iets of iemand de loop ervan beïnvloedde of verstoorde.
Gisteravond had zijn vrouw opeens gezegd: “Ga jij morgen maar vissen, dan loop je mij niet voor de voeten”. Dus was hij om half vier opgestaan, had zijn visspullen in de auto geladen en om vier uur zat hij hier. Nu was het half twaalf, tijd om op te pakken en naar huis te gaan.
Hij draaide de straat in en bracht verbaast de auto tot stilstand. Er was geen vrij parkeerplekje te bekennen, de anders zo rustige straat stond vol met auto’s. Sommige hadden een buitenlands kenteken. Hij reed door en constateerde tot zijn opluchting dat ze de oprit vrij hadden gelaten.
Links van hem stond een grote pop in de voortuin. Met een touwtje was een pot aan een van de armen gebonden. Vanuit de auto kon hij het etiket net ontcijferen: “Dijon mosterd”.
WE300 is een initiatief van Plato waarbij het de bedoeling is naar aanleiding van een opgegeven woord een verhaal van exact 300 woorden te schrijven. En dat zonder het betreffende woord te noemen. De opdracht en linkjes naar de verhalen van andere deelnemers vind je eveneens bij Plato
vrijdag, augustus 05, 2011
Zwerfkei.
Er ligt een kei in mijn tuin. Wat zeg ik: er liggen een heleboel keien in mijn tuin. Sommige zijn glad en kaal. Andere zijn ruw en met mos begroeid. Enkele zijn nauwelijks te zien omdat allerlei planten zich niets van zo’n sta (of lig) in de weg aantrekken en er gewoon overheen groeien.
Soms denk ik ineens: “als die keien konden praten, wat zouden ze dan allemaal te vertellen hebben?”. Sommige misschien niet zoveel: hun herinnering reikt wellicht niet veel verder dan een paar jaar. Vanaf het moment dat ze met bruut geweld uit hun eeuwige slaap werden gewekt in een of andere steengroeve.
Andere hebben echter al een lang leven achter zich. En een lange reis, gedragen door sneeuw en ijs. Tienduizenden jaren geleden waren ze al onderweg. Voortgestuwd door krachten die eeuwig leken maar uiteindelijk toch tot bedaren kwamen om ze een nieuwe rustplaats te geven in een land ver van hun oorsprong.
En nu hebben ze een volgende rustplaats gevonden in mijn achtertuin. Ze vormen een zonnebank voor vlinders die zich er op zetten om zich op te warmen in de zon. Een uitvalsbasis voor libellen die, er op gezeten, hun kopjes ronddraaiend, kijkend naar de lucht, op zoek zijn naar dat vliegje dat hun volgende maaltijd zal worden. Of ze worden gebruikt als smidse door een merel die er de slakkenhuizen kraakt.
Ook de rustplaats in mijn tuin is geen blijvende. Als ze weer eens totaal overgroeid dreigen te raken worden ze opgetild en naar een meer open plekje gebracht. Mijn tuin is evenmin eeuwig: ooit zullen ze weer aan het zwerven slaan en een nieuw hoofdstuk aan hun verhaal toevoegen.
Het zijn echte zwerfkeien.
Geschreven naar aanleiding van Assyke's schrijfopdracht voor de periode 1 tot 15 augustus.
VvV 008: Wie een kuil graaft voor een ander......
Voorzichtig kwam hij dichterbij. Het was een merkwaardige situatie: de lucht hing vol met een heerlijke geur, maar tegelijkertijd met de geur van gevaar. Hij deed een stap naar voren. Er gebeurde niets. Nog een stapje. Nog steeds niets. Plotseling schoot hij naar voren, greep het stuk vlees in zijn bek en schoot weer achteruit naar de struiken. Een luide klap weerklonk en iets versperde hem de weg.
Hij had ze aan horen komen. Mensen. In paniek had hij een uitweg gezocht, was wild tegen wat hem tegenhield gesprongen. Het had geen zin. Nu stonden ze naar hem te wijzen en druk te praten. Hij trok zich zo ver mogelijk terug in een hoek en keek hen vol wantrouwen aan. Grauwde zo luid als hij kon. Blies en haalde uit met een voorpoot om ze te laten weten dat hij zich niet zonder strijd gewonnen zou geven. Het werkte, de mensen trokken zich terug. Toch bleven ze in de buurt. Zouden ze nu echt denken dat hij hen niet hoorde? Niet rook?
Ze hoorden het al van ver. Ze hadden geluk, ze hadden iets gevangen. Hopelijk was het nu een mannetje, dan konden ze hier weg. Ze waren al veel te lang in dit gebied actief. Als het contract niet zo duidelijk was geweest waren ze allang ergens anders heen getrokken. In de andere gebieden was de kans op een mannetje echter heel erg klein: was soms niet eens zeker of er wel een mannetje aanwezig was, terwijl er hier nog drie rond liepen. De prijs was dat beetje extra risico wel waard, dus waren ze gebleven.
Ze keken vol bewondering naar het jonge mannetje dat in hun val gelopen was. Voor een vrouwtje zou ook veel geld zijn betaald. Voor ieder van hen wel meer dan ze anders in een jaar konden verdienen. Alleen maar omdat er mensen waren die dachten dat er heilzame kracht zat in ieder deel van het dier. Deze keer hadden ze echter iemand getroffen die op zoek was naar een levend exemplaar. Voor een jong en gezond mannetje zou hij ruim twee keer zo veel betalen als ze gewend waren. Het smokkelen van een levend dier zou extra risico opleveren, maar tegen zulke bedragen kon je toch geen nee zeggen?
Tussen de struiken klonk gekraak. Er klonk geschreeuw, het geluid van geweren die werden aangelegd. Een stem schreeuwde in het Engels, een andere herhaalde alles in hun taal: “Geef je over! Leg je wapens neer! Jullie kunnen geen kant meer op!” Ineens waren zij degenen die gevangen zaten. Die voor lange tijd zouden worden opgesloten. Onder de nieuwe wetten misschien wel heel erg lang. En dat voor het stropen van een paar tijgers. Waarom deed iedereen tegenwoordig zo moeilijk over een paar beesten?
VvV (Vijf van Vrijdag) is een schrijfopdracht waarbij van vijf opgegeven woorden een verhaal van vijf alinea's van in totaal 450-500 woorden moet worden gemaakt. De opdracht, de spelregels en linkjes naar andere deelnemers vind je bij Aline
Hij had ze aan horen komen. Mensen. In paniek had hij een uitweg gezocht, was wild tegen wat hem tegenhield gesprongen. Het had geen zin. Nu stonden ze naar hem te wijzen en druk te praten. Hij trok zich zo ver mogelijk terug in een hoek en keek hen vol wantrouwen aan. Grauwde zo luid als hij kon. Blies en haalde uit met een voorpoot om ze te laten weten dat hij zich niet zonder strijd gewonnen zou geven. Het werkte, de mensen trokken zich terug. Toch bleven ze in de buurt. Zouden ze nu echt denken dat hij hen niet hoorde? Niet rook?
Ze hoorden het al van ver. Ze hadden geluk, ze hadden iets gevangen. Hopelijk was het nu een mannetje, dan konden ze hier weg. Ze waren al veel te lang in dit gebied actief. Als het contract niet zo duidelijk was geweest waren ze allang ergens anders heen getrokken. In de andere gebieden was de kans op een mannetje echter heel erg klein: was soms niet eens zeker of er wel een mannetje aanwezig was, terwijl er hier nog drie rond liepen. De prijs was dat beetje extra risico wel waard, dus waren ze gebleven.
Ze keken vol bewondering naar het jonge mannetje dat in hun val gelopen was. Voor een vrouwtje zou ook veel geld zijn betaald. Voor ieder van hen wel meer dan ze anders in een jaar konden verdienen. Alleen maar omdat er mensen waren die dachten dat er heilzame kracht zat in ieder deel van het dier. Deze keer hadden ze echter iemand getroffen die op zoek was naar een levend exemplaar. Voor een jong en gezond mannetje zou hij ruim twee keer zo veel betalen als ze gewend waren. Het smokkelen van een levend dier zou extra risico opleveren, maar tegen zulke bedragen kon je toch geen nee zeggen?
Tussen de struiken klonk gekraak. Er klonk geschreeuw, het geluid van geweren die werden aangelegd. Een stem schreeuwde in het Engels, een andere herhaalde alles in hun taal: “Geef je over! Leg je wapens neer! Jullie kunnen geen kant meer op!” Ineens waren zij degenen die gevangen zaten. Die voor lange tijd zouden worden opgesloten. Onder de nieuwe wetten misschien wel heel erg lang. En dat voor het stropen van een paar tijgers. Waarom deed iedereen tegenwoordig zo moeilijk over een paar beesten?
VvV (Vijf van Vrijdag) is een schrijfopdracht waarbij van vijf opgegeven woorden een verhaal van vijf alinea's van in totaal 450-500 woorden moet worden gemaakt. De opdracht, de spelregels en linkjes naar andere deelnemers vind je bij Aline
dinsdag, augustus 02, 2011
Invalshoek 12: Radio ==>> Nostalgie
Hoe lang liep hij hier nu al rond? Uren waarschijnlijk. Hij moest maar eens op zoek naar een klok, hij was vanmorgen zo snel de deur uitgegaan dat hij helemaal vergeten was zijn horloge om te doen.
Tijd, daar draaide het allemaal om. Tijd die vervloog. Dát had hem er toe aangezet de deur uit te gaan en rond te gaan zwerven. Kilometers moest hij gelopen hebben. Langs zijn geboortehuis. Door het park, langs die sloot en de drukke weg over waar vroeger klaar-overs stonden om te zorgen dat de kinderen veilig op school kwamen. Nu stonden er verkeerslichten.
Hij had de bus genomen om in de wijk te komen waar hij vanaf zijn negende jaar had gewoond. De flats stonden er nog, maar de winkels waren allemaal veranderd. Geen de Gruyter, Jamin of HUS bakker maar een halal-slagerij, een turkse supermarkt en een wasserette. Hij had een poosje op een bankje gezeten en zich de beelden van vroeger voor de geest gehaald, was toen naar zijn oude school gelopen. In een vleugel van de grote scholengemeenschap die er nu stond herkende hij nog een deel van zijn school. De sloot met de brede berm waar ze ’s zomers naar hun transistorradiootjes zaten te luisteren was echter verdwenen onder grote hoeveelheden nieuwbouw.
Die transistorradiootjes. Daardoor had hij vanmorgen de aandrang gevoeld om alles weer eens op te zoeken. Eén van de liedjes die toen uit die radiootjes schalden – als de leraren tenminste niet in de buurt waren om er voor te zorgen dat het volume beperkt bleef – was het eerste dat hij hoorde toen de wekkerradio begon te spelen.
Een droevig verhaal dat hem toen ook al zo had aangegrepen. Patsy: over een meisje dat bij de haven woonden en haar einde vond in de rivier. De melancholie van toen was er weer helemaal geweest en ineens wist hij wat hij vandaag ging doen.
Op een torenklok zag hij dat het al half vier was. Terwijl voor hem de jaren tussen nu en toen vervaagden bleek de dag omgevlogen. Hij moest maar weer eens op huis aan. Misschien een "goud-van-oud" programma opzoeken op de radio of nog wat oude LP’s draaien vanavond. Dat singletje over Patsy moest hij ook nog ergens hebben, eens zien of hij het nog kon vinden.
"Invalshoek" is een schrijfopdracht. Hierbij wordt een woord opgegeven en een tweede woord voor de invalshoek van waaruit het eerste woord benaderd moet worden. De opdracht en linkjes naar andere deelnemers vind je bij Reismeermin
Tijd, daar draaide het allemaal om. Tijd die vervloog. Dát had hem er toe aangezet de deur uit te gaan en rond te gaan zwerven. Kilometers moest hij gelopen hebben. Langs zijn geboortehuis. Door het park, langs die sloot en de drukke weg over waar vroeger klaar-overs stonden om te zorgen dat de kinderen veilig op school kwamen. Nu stonden er verkeerslichten.
Hij had de bus genomen om in de wijk te komen waar hij vanaf zijn negende jaar had gewoond. De flats stonden er nog, maar de winkels waren allemaal veranderd. Geen de Gruyter, Jamin of HUS bakker maar een halal-slagerij, een turkse supermarkt en een wasserette. Hij had een poosje op een bankje gezeten en zich de beelden van vroeger voor de geest gehaald, was toen naar zijn oude school gelopen. In een vleugel van de grote scholengemeenschap die er nu stond herkende hij nog een deel van zijn school. De sloot met de brede berm waar ze ’s zomers naar hun transistorradiootjes zaten te luisteren was echter verdwenen onder grote hoeveelheden nieuwbouw.
Die transistorradiootjes. Daardoor had hij vanmorgen de aandrang gevoeld om alles weer eens op te zoeken. Eén van de liedjes die toen uit die radiootjes schalden – als de leraren tenminste niet in de buurt waren om er voor te zorgen dat het volume beperkt bleef – was het eerste dat hij hoorde toen de wekkerradio begon te spelen.
Een droevig verhaal dat hem toen ook al zo had aangegrepen. Patsy: over een meisje dat bij de haven woonden en haar einde vond in de rivier. De melancholie van toen was er weer helemaal geweest en ineens wist hij wat hij vandaag ging doen.
Op een torenklok zag hij dat het al half vier was. Terwijl voor hem de jaren tussen nu en toen vervaagden bleek de dag omgevlogen. Hij moest maar weer eens op huis aan. Misschien een "goud-van-oud" programma opzoeken op de radio of nog wat oude LP’s draaien vanavond. Dat singletje over Patsy moest hij ook nog ergens hebben, eens zien of hij het nog kon vinden.
"Invalshoek" is een schrijfopdracht. Hierbij wordt een woord opgegeven en een tweede woord voor de invalshoek van waaruit het eerste woord benaderd moet worden. De opdracht en linkjes naar andere deelnemers vind je bij Reismeermin
Abonneren op:
Posts (Atom)