Vanmiddag kreeg ik bezoek. Een spannend bezoek, zo'n bezoek waar je je van te voren al zenuwachtig over maakt. Degenen die hier al langer lezen herinneren zich misschien dat ik bij de berichten over het overlijden van mijn vader ook vertelde dat ik een halfzuster bleek te hebben.
Ze wilde de rest van haar familie eigenlijk ook wel leren kennen en via wat omwegen kwam ze in contact met mij. Nu zullen sommigen zich misschien ook herinneren dat het contact met mijn vader niet geweldig was en zich wellicht afvragen of ik daar eigenlijk wel belang bij had.
Laat ik het zo stellen: ik was ergens wel nieuwsgierig naar dit onbekende familielid, maar zou me ook niet ernstig overstuur hebben gevoeld als dat contact nooit tot stand was gekomen. Dat contact is echter wel tot stand gekomen en vanmiddag zou ze met haar man langskomen om eens kennis te maken. Bij het maken van de afspraak maakte ik zonder het zelf door te hebben een goede beurt: omdat ze pas om drie uur zouden komen en ruim een uur te reizen hadden vroeg ik eigenlijk automatisch of ze dan ook mee wilden eten.
Ze vertelde toen we aan de thee zaten dat dit spontane voorstel (volgens mij toch normaal als een bezoeker niet weer op tijd thuis kan zijn voor het avondeten) heel prettig over was gekomen en hiermee was het ijs gelijk een beetje gebroken. Ze zijn uiteindelijk pas om 9 uur weer weggegaan nadat we een paar uur over onszelf, haar zoektocht naar haar vader en onze gemeenschappelijke vader hadden gesproken.
Ze had zelf ook nog een ijsbreker meegebracht: een mooie bos paars-rode en oranje tulpen. Ze kon uiteraard niet weten dat ik in verband met de immuunsuppressie na de transplantatie eigenlijk geen snijbloemen in huis mag: het water daarvan is een ideale kweekvijver voor allerlei zaken die voor mij met mijn verminderde weerstand niet zo gezond zijn. Ik zet ze uiteraard wel neer: wel zal ik elke dag het water verversen om problemen te voorkomen.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten