maandag, januari 09, 2006

Klok en klepel.

Trouw brengt vandaag een artikel over delirium waarin ze of blijk geven van een gebrek aan kennis van zaken of wel heel erg hun best hebben gedaan om iets spectaculairs naar buiten te brengen. Trouw weet te melden dat jaarlijks ongeveer honderdduizend ouderen boven de 70 tijdens een ziekenhuisopname last krijgen van deze acute verwardheid, dat artsen en verpleging hier te weinig van af weten en dat geen enkel ziekenhuis een beleid heeft om de aandoening te voorkomen of te behandelen.

Laat ik maar beginnen met het misverstand dat Trouw onbesproken laat te ontzenuwen: het gaat hierbij bijna nooit om een alcoholonthoudingdelirium dat optreed als iemand die veel drinkt plotseling "droog" komt te staan. Er zijn veel meer oorzaken voor een delirium dan deze algemeen bekende oorzaak. Een delirium is feitelijk een ontregeling van een orgaan (namelijk het brein), waardoor verwardheid optreedt die zich ondermeer kan uiten in desoriëntatie, geheugenproblemen (m.n. met het korte termijn geheugen), hallucinaties, wanen, motorische onrust (die zich b.v. kan uiten in het willen verwijderen van infusen of uit bed willen stappen) en spraakstoornissen. Het kan veroorzaakt worden door ondermeer lichamelijke ziekte, medicatie, alcohol en drugs. Een delirium kan een dag tot enkele weken aanhouden en geeft meestal geen restverschijnselen.

In principe kan ieder medicijn een delirium veroorzaken maar bij een aantal middelen treed dit vaker op: het gaat dan om morfinepreparaten die na een operatie vaak als pijnstiller worden gegeven, maar ook middelen die na een transplantatie gebruikt moeten worden zoals Ciclosporine, Prednisolon en Prograft kunnen dit gevolg hebben.

Niet iedereen heeft een evengrote kans om een delirium te krijgen: het risico neemt boven de 65 jaar duidelijk toe, maar ook andere factoren als bijkomende ziekte of een geschiedenis van langdurige alcoholverslaving vergroten het risico. Ook heeft iemand die ooit een delirium doormaakte een vergrote kans dit weer te krijgen.

De behandeling bestaat in de eerste plaats uit het achterhalen van de oorzaak en het behandelen daarvan. Gaat het om een infectie dan moet zo snel mogelijk behandeld worden met antibiotica. Ligt de oorzaak in een gebruikt medicijn dan zal de arts moeten proberen de dosis te verlagen of een ander medicijn te geven dat deze bijwerking niet heeft. Dit is echter niet altijd mogelijk, tegengaan van een afstoting na transplantatie kan b.v. belangrijker zijn.

Er komt dan een volgende behandelmogeljkheid op: geneesmiddelen die de verwardheid en angst kunnen verminderen, vaak z.g. antipsychotica zoals Haldol. Wanneer de patiënt desondanks erg onrustig blijft wordt vaak een kortwerkend slaapmiddel bijgegeven. Vaak komt er een consulent van de afdeling psychiatrie langs om dergelijke medicatie voor te schrijven en om artsen of verpleegkundigen te adviseren in het omgaan met de patiënt, alsmede om zonodig de patiënt en naasten te begeleiden en uit te leggen wat er aan de hand is.

Een derde aspect in de behandeling is het zorgen voor de juiste omgevingsfactoren: iemand met een delirium heeft vaak behoefte aan een rustige omgeving met zo min mogelijk prikkels en een vast dagritme. Het is ook goed als de patiënt bekenden om zich heen heeft die hem geregeld vertellen waar hij is en wat er de afgelopen tijd gebeurd is.

Dus Trouw: boven de 70? dan komt het eerder voor maar het is maar een deel van de groep die dit overkomt. En artsen en verpleging weten er te weinig van en ziekenhuizen hebben geen beleid? Het bovenstaande is een uittreksel uit een door een nurse practioner als patiënteninformatie geschreven artikel.

En voortaan wel even duidelijk zijn over dat verschil met een alcoholonthoudingsdelirium zodat niet de indruk ontstaat dat een groot deel van de ouderen die in het ziekenhuis terechtkomt zwaar alcoholist is.

Bron: Rien van Voorst, Nurse Practioner consultatieve Psychiatrie UMCG in Nieuwsbrief Longtransplantatie UMCG.

Geen opmerkingen: